Lichtplan tuin xyz

Lichtplan tuin

Maak zelf een lichtplan voor je tuin in vier eenvoudige stappen

Indien je graag verlichting in je tuin wil, dan adviseren wij om eerst een lichtplan te maken. Zo ben je zeker dat het eindresultaat voldoet aan jouw verwachtingen. Het maken van een lichtplan klinkt moeilijker dan het is. Volg deze vier eenvoudige stappen om het maximale uit je tuin te halen.

Stap 1: Maak een lichtplan.

Maak een schets van je tuin op schaal, die zal dienen als basis voor het lichtplan. Geef ook bijkomende elementen weer zoals een trap, een vijver of een grote boom. Teken ook de zichtlijnen: bedenk vanuit welke richting(en) je ’s avonds de tuin wil kunnen overzien? Als je veel op het terras zit, is het fijn als je de verlichting vanaf daar kunt zien. Wil je in de winter een mooi uitzicht vanuit de woonkamer? Dan moet je rekening houden met de zichtlijnen van achter het raam.

Uiteraard zal je geïnstalleerde verlichting nutteloos zijn als je niet de nodige bekabeling voorziet. Want zonder stroom heb je vanzelfsprekend geen licht! Vergeet dus ook niet de kabels te integreren in het tuinontwerp. Je leidt de kabel langs de armaturen in je lichtplan. Kijk waar eventuele aftakkingen nodig zijn. Houd hierbij rekening met de voorgeschreven maximale kabellengtes.


Stap 2: Bepaal per element het type licht

Nu ons basisplan klaar is, kunnen we de functie van het licht gaan bepalen.

Zorg voor contrast, en dus ook voor donkere plekken in de tuin. Als je de hele tuin zou verlichten is het effect weg.

Een trap, de voordeur of de garage wil je graag goed verlicht hebben. Hiervoor maak je best gebruik van functionele verlichting. Niet alleen worden de elementen goed zichtbaar, buitenverlichting zorgt voor extra veiligheid.

Je kan ook gebruik maken van verlichting met een sensor of op zonne-energie om op die manier energie uit te sparen of gewoon puur voor het gebruiksgemak.

Voor het creëren van diepte maken we gebruik van grondspots. Hiermee kan je bijvoorbeeld de inrit van de garage of een tuinpad verlichten. Het geeft een leuk effect en versterkt ook nog eens de zichtlijn en daarmee de grootte van de tuin. Bovengrondse spots zijn geschikt om bijvoorbeeld verhoginkjes, opstapjes of randen aan te duiden. Voor een oprit of pad dat functioneel verlicht moet worden wat heel wat branduren vergt, kan je kiezen voor LED omdat het verbruik van leds veel lager ligt.

Met decoratieve tuinverlichting kan je creatiever omspringen. Mooie spots en trendy wandlampen zorgen er voor dat uw tuin ook in de avonduren in de spotlights staat. Zachte sfeerverlichting geeft je tuin of terras een stijlvolle uitstraling. Kies voor accentverlichting voor het aanlichten van opvallende elementen zoals een beeld of een boom. Richt het schijnsel op de onderste helft van de kruin, dat geeft het beste resultaat. Het is aan te raden om de boom van minimaal twee zijden te belichten om zijn volume te benadrukken.


Stap 3 : Bepaal het type armatuur

Veel mensen kijken eerst naar het uiterlijk, maar het soort licht is minstens zo belangrijk. Let dus vooral op de lichtintensiteit en het bereik. Elke tuinlamp is anders en geeft een ander soort verlichting. Bij de keuze voor een armatuur speelt de richting van het licht een belangrijke rol. Geïntegreerde verlichting schijnt vanuit de grond terwijl bovengrondse armaturen rondom verlichten. Wil je gewoon een struik uitlichten of een hele boom? Je beslissing heeft uiteraard invloed op de keuze van je armatuur. Door bomen zacht uit te lichten met spots aan de onderkant, accentueer je de hoogte in de tuin. Wandverlichting kan zowel rondom als naar beneden schijnen en het licht van spots komt van onderaf. Stem de lichtrichting af op het te verlichten element en varieer hierin.


Stap 4: Kies de armaturen

Voor veel mensen lijkt deze keuze heel moeilijk maar met een goed lichtplan en een goede begeleiding is dit eigenlijk kinderspel. Je weet nu wat en op welke manier je wil verlichten, kiezen wordt op deze manier dan ook stukken makkelijker. Naast de stijl die je aanspreekt hou je best rekening met de lichtbron (kies je voor energiezuinige LED of niet) en de lichtkleur die warm of koel kan zijn. Ook het systeem waarvoor je kiest kan consequenties hebben. Verlichting op basis van laagspanning (12 volt), is veilig voor kinderen en huisdieren en kun je zelf aanleggen. Verlichting op basis van 220 volt (netspanning) moet je door een monteur laten installeren en de kabels dienen 60 cm onder de grond verwerkt te worden. Je kan ook kiezen voor een systeem op zonne-energie zoals Solar waar je geen kabels hoeft te gebruiken. Ga met dit lichtplan nu gerust bij een verlichtingsspecialist in je buurt die je zal begeleiden in je keuze. TIP: Bewaar het verlichtingsplan om later problemen bij graaf- of tuinwerkzaamheden te voorkomen



Meer weten? Bekijk hieronder ook het filmpje!

Wij slaan cookies op om onze website te verbeteren. Is dat akkoord? Ja Nee Meer over cookies »
U maakt gebruik van een verouderde versie van
Internet Explorer, klik hier om deze te updaten.
x